Onafhankelijkheidsdag in Abchazië

“Welke dag is het morgen?” vraagt gids Shamil. De houten banken van het hippodroom in Bzypsha stromen langzaam vol. In de modderplassen op de renbaan schittert het zonlicht. “Het is vandaag 30 september, jullie nationale feestdag,” antwoord ik enigszins verbaasd. “Dan is het morgen toch 1 oktober?” Shamil haalt zijn schouders op. “Ja, maar soms heeft september 31 dagen…”

Niet-erkende landen hebben niet alleen hun eigen ideeën over grenzen, maar blijkbaar ook over de kalender. En over sport. In het hippodroom van Bzypsha worden sporten gespeeld die we nog nooit hebben gezien. “Achylampyl is Abchazisch voor paardenvoetbal,” vertelt Shamil. Het lijkt op polo, maar in plaats van een houten mallet galopperen spelers met een soort vlindernetje waarmee ze de bal opscheppen en verbluffend nauwkeurig naar hun teamgenoten passen. Op de gevel van het gebouw staan Achylampylspelers in kleurrijke mozaïeken vereeuwigd.

Met stip de meest spectaculaire sport is Atseigudtsa – speerwerpen te paard. Vanaf de eigen achterlijn draaft een ruiter naar een vlag aan de overkant van het veld. Zodra hij de vlag passeert, omkeert en zijn paard tot snelheid maant, zet een ruiter van de tegenstander de achtervolging in. In zijn hand heeft de achtervolger een speer. “Als het hem lukt zijn tegenstander te raken, dan krijgt zijn team een punt,” legt Shamil uit. “Als de vluchtende ruiter zijn eigen achterlijn passeert zonder geraakt te worden, dan krijgt zijn team twee punten.”

Intussen is op het centrale podium een concert begonnen. Vrouwen in met zilveren patronen versierde jurken en mannen met dolken en kruitpatronen op hun borst zingen traditionele Abchazische liederen. Het publiek hoeft zich geen moment te vervelen op Onafhankelijkheidsdag in Abchazië, want ook bij ons gangbare logistieke regels worden hier niet erkend. Achter het podium gaan de Atseigudtsa-spelers stug door met hun wedstrijd.

Gastvrijheid zonder grenzen in Zuid-Ossetië